Verzorging en gezondheid

In 1965 werd in Europees verband door de commissie Brambell een ‘uitgangspunt voor een welzijnsdefinitie’ geformuleerd. Hierin stonden de vijf vrijheden van het dier:

1. Vrij van honger, dorst en onjuiste voeding;
2. Vrij van fysiek en thermaal ongerief;
3. Vrij van pijn, verwonding en ziekte;
4. Vrij van angst en chronische stress;
5. Vrij om natuurlijke gedragingen en gedragspatronen te vertonen.

Het welzijn van de paarden in Nederland
De Dierenbescherming uitte eind januari 2008 haar grote zorg over het welzijn van paarden in Nederland, maar liefst in een kwart van alle meldingen van dierenleed, die bij de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) binnenkomen, gaat het om welzijnsproblemen van paarden en pony’s. Het ging in deze gevallen met name om verwaarloosde hoeven, eenzame opsluiting of blootstelling aan weer en wind zonder beschutting. Het is aan de orde van de dag. Er is momenteel veel aandacht voor dierenwelzijn.

De oorzaak van een verkeerde behandeling van paarden is meestal te vinden in:
onjuiste voeding, huisvesting, training of combinatie ervan;
(te) laat of niet herkennen van aandoeningen of blessures;
(te) laat of niet inschakelen van werkelijk deskundige hulp.

Hieruit kun je concluderen dat gebrek aan kennis de meeste vormen van onjuiste behandeling of mishandeling van een paard veroorzaakt. Paarden vereisen een hele andere verzorging en huisvesting dan bijvoorbeeld honden of andere huisdieren. Met name dat paarden niet alleen gehouden kunnen worden, het zijn kuddedieren en hebben behoefte aan sociaal contact met soortgenoten.

In het kort zijn de belangrijkste huisvestingspunten:
Ruimte: een ruime stal en dagelijkse weidegang of paddock.
Contact met soortgenoten.
Gebalanceerde voeding.