De dracht van een paard duurt ongeveer 11 maanden, de gemiddelde draagtijd is 330 dagen. Een dracht tot een jaar is nog normaal, maar langer niet meer. Er zijn verschillende factoren van invloed op de lengte van de dracht; jonge merries hebben vaak een kortere dracht dan oudere merries; hengstveulens worden vaak een paar dagen langer gedragen dan een merrieveulen; en veulens die vroeg in het seizoen geboren worden hebben vaak een langere draagtijd achter de rug dan veulens die later in het seizoen geboren worden.

De merrie kan op drachtigheid worden gecontroleerd vanaf ongeveer 14 dagen na de eisprong. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van echoscopie. Door middel van een geluidskop, die via de endeldarm van de merrie naar binnen wordt gebracht, wordt een beeld geprojecteerd op de monitor. In dit stadium kan het niet via de buik gebeuren, aangezien de afstand tussen de baarmoeder en de buikwand te groot is. Drachtigheidscontrole kan ook worden uitgevoerd door bloedonderzoek en door het opvoelen van de merrie door een ervaren dierenarts.
Hele kleine pony’s, zoals shetlanders en falabella’s, kunnen niet via de darm gescand worden omdat de aars van deze merries hiervoor te nauw is. Een alternatief is het scannen via de buikwand wat pas in een later stadium (na ongeveer 2 maanden) mogelijk is.

Tweelingdracht
Wanneer bij de drachtigheidscontrole een tweelingdracht wordt geconstateerd, moet er na een week nogmaals een controle plaatsvinden. Soms wordt er een tweede vruchtje afgestoten waardoor behandeling niet meer noodzakelijk is. Zijn er bij de tweede controle nog steeds twee vruchtjes aanwezig, dan moet er een keuze worden gemaakt. Als de vruchtjes duidelijk uit elkaar liggen is het goed mogelijk om één daarvan te ‘crushen’ (afknijpen). In de meeste gevallen is er na behandeling sprake van een eenlingdracht. Na de 30e dag van de dracht is de kans groot dat beide vruchtjes afsterven, omdat kennelijk het andere vruchtje ook beschadigd was. Daarom heeft het de voorkeur een tweelingdracht in een vroeger stadium te behandelen. Wanneer de vruchtjes dicht tegen elkaar aan liggen kan één ervan worden aangeprikt om het vocht er vervolgens uit weg te zuigen. Deze behandeling kan alleen uitgevoerd worden in een gespecialiseerde kliniek. Een alternatief is het toedienen van een injectie bij de merrie waardoor de dracht wordt afgebroken. Dit lukt vrij goed in de eerste vijf weken. Enkele dagen na de injectie zal de merrie opnieuw hengstig worden en kan ze weer gedekt worden.